Brief aan mijn tienertijd

he natte meid
ik zie je strijd
je rijdt in tranen
alleen over
de koude dijk
daar bij die sluis
huilend
halverwege

zal ze springen
gewoon gaan
het bestaan
is niet te verstaan
zo leeg en pijnvol
het bordje te vol
de moeder altijd
in bed en zwanger
belet je te praten
over de natte dwijlen
die in de klas
worden gegooid
het getreiter van
de lagere school
gaat frivool door

 

he lieve meid
ik zie je strijd
je rijdt in tranen
alleen over
de koude dijk
het ijs bijna gezet
iets belet je
te gaan

je moeder kan het bestaan
alleen niet aan
en wie zorgt er voor haar
als jij nu vertrekt?

Een koude band
verkleumde hand
een meisje alleen
tussen school en thuis
geen veilige plek
in haar leven …

van harte (h)erkennen

Er zijn mensen die hun hart uitstorten … worstelen met dezelfde zaken als waar ik mee worstel(de).
het is zo simpel
de oplossing
gevoel van (h)erkenning
en mogen zijn die jij bent
is essentieel van je ouders
je mede gezinsleden, jezelf
over en weer lukt dat niet altijd
maar mettertijd glijden we mee
met de woorden van de wind
die het kind verzorgen dat stil
in een hoekje is gekropen

23 april 1937 – 3 februari 2001

zo je rond je vijftig jaar
de pijn van verlies van
vrienden leerde vertalen
in verhalen vol zoete
en zoute beelden

zo je later je kinderen
leerde laten in hun zijn
tot op zekere hoogte want
en los leerde laten wat
jouw droom voor hun
leven was

omdat jouw droom niet
het pad van hun leven
was
je leerde het accepteren

het overdopen van je zoon
ongewoon pijnlijk en moeilijk
je bleef je kinderen
broers, zussen en zwagers
liefhebben met een groot
hart

je hielp je klanten
waar je kon

verloor duizenden euro’s 

bleef trouw aan je missie
met een creativiteit die soms
tot misverstanden heeft geleid